Fabrikanten
Julius Heer Jun. ~1890 - 1900
Mijnlampenfabrikant Julius Heer Jun. (Junior) was een kleine onderneming, gevestigd aan de Johanniterstraße in Bochum.
Wanneer de Metallw.-Fabrik Julius Heer Jun. is opgericht is niet precies bekend, maar de eerste advertenties in de dagbladen verschijnen rond 1895. Hieronder een advertentie uit de Wattenscheider Zeitung van 22 mei 1896.
Links: In de Lüdenscheider Zeitung van 26 februari 1897 wordt een opslag- en verpakkingsmedewerker gezocht. Er wordt nu gesproken over een Wetterlampen u. Metall-warenfabrik.
Handelsregister van de Koninklijke Rechtbank te Bochum
In ons handelsregister is bij nr. 497, betreffende de firma "Julius Heer junior" te Bochum, op 23 juli 1897 het volgende genoteerd:
De koopman Willy Heer te Bochum is als vennoot toegetreden tot de handelszaak van Julius Heer jun. Daarom is de registratie van deze [individuele] firma hier gewist.
Op dezelfde dag is de handelsvennootschap "Julius Heer jun." te Bochum, gestart op 21 juli 1897, onder nr. 219 van ons vennootschapsregister ingeschreven. Als vennoten zijn de kooplieden Julius Heer jun. te Hannover en Willy Heer te Bochum genoteerd. Ieder van hen is afzonderlijk bevoegd om de vennootschap te vertegenwoordigen.
Hierboven: In het Deutscher Reichsanzeiger und Preußischer Staatsanzeiger van 26 juli 1897 staat te lezen dat Julius Heer junior die eerst een eenmanszaak had, een samenwerking is aangegaan met Willy Heer. Omdat het nu geen eenmanszaak meer is maar een vennootschap met twee eigenaren, moest de oude inschrijving worden stopgezet en een nieuwe worden aangemaakt. Beide heren mochten vanaf dat moment zelfstandig zakelijke beslissingen nemen en contracten tekenen voor het bedrijf.
Patenten
Duidelijk is wel dat Julius Heer jun. enkele patenten op zijn naam had. Patentnr. 21528 (18 januari 1899) aangaande een elektrische ontsteker voor mijnlampen. Patentnr. 21.818 (11 maart 1899) aangaande een ontstekingsmechanisme voor mijnlampen. Op 12 maart 1899 zet hij het patent aangaande een ontstekingsmechanisme (Patentnr. 107044) op zijn naam. En op 13 augustus 1900 verkrijgt hij een patent (Patentnr. 138425), over de buitenkorf van veiligheidslampen die eenvoudig over de binnenkorf geschoven kan worden, op zijn naam.
Linksboven: Patentvermelding in het blad Elektrotechnischer Anzeiger uit 1899
Rechtsboven: Patentvermelding uit GWF; Das Gas- und Wasserfach uit 1899
Links: Een patentvermelding met uitgebreide uitleg in het blad Auszüge aus den Patentschriften uit 1900
Hierboven: Patentvermelding in het blad Stahl und Eisen uit 1900
Ook in het blad Modern Machinery uit 1900 wordt uitgebreid ingegaan op zijn nieuw magneetslot voor veiligheidslampen:
NIEUW MAGNETISCH SLOT VOOR VEILIGHEIDSLAMPEN.
Om te voorkomen dat onbevoegde personen veiligheidslampen openen door het slot te kraken, gaat er een holle cilindrische pen door beide delen van de lamp.
Deze voorkomt dat de delen losgeschroefd kunnen worden. Het verwijderen van de pen wordt verhinderd door grendels die uit de pen springen nadat deze is geplaatst. Wanneer een krachtige magneet in de holle cilinder wordt gestoken, worden de grendels teruggetrokken, waarna de pen kan worden verwijderd en de lamp kan worden geopend.
Julius Heer, jun., Bochum, Duitsland.
In de Dortmunder Zeitung van zaterdag 27 augustus 1898 staat een advertentie aangaande een bedrijfsheropening (Rechts).
Op zaterdag 15 september 1900 wordt in de Saale-Zeitung melding gemaakt van enkele bedrijven die in financiële, slechte omstandigheden behoren en waarbij een buitenrechtelijke liquidatie op stapel staat. De Metallwaarenfabrik Julius Heer jun. uit Bochum wordt hierin ook genoemd.
(Links) Het officieel bericht over het faillissement van de firma van Julius Heer, gepubliceerd op 1 oktober 1900 in de Deutscher Reichsanzeiger und Preußischer Staatsanzeiger van 4 Oktober 1900. Het lijkt erop dat het succes van het magnetische slot helaas niet lang heeft geduurd.
Het einde
Slechts drie jaar nadat Willy Heer in 1897 tot de zaak toetrad en ze hun "nieuwe magnetische slot" presenteerden, ging het bedrijf blijkbaar failliet. Dit was in die tijd niet ongebruikelijk; de concurrentie tussen fabrikanten van mijnlampen in het Ruhrgebied was moordend. Grote bedrijven zoals Friemann & Wolf en Wilhelm Seippel namen vaak de kleinere uitvinders over of drukten ze uit de markt.

De mijnlampenglaasjes 58x60x4 zijn weer op voorraad.